Stichting Waterschapserfgoed

Molens

De stichting heeft een drietal zogenaamde Hollandse molen in eigendom en beheer en een negental windmotoren van het Amerikaanse type. De Hollandse poldermolen staan in: nabij Cornwerd, Huins en Oudkerk. 

De eerste windmolens in de kustgebieden langs de de zuidelijke Noordzee en Het Kanaal verschenen in de eerste helft van de 12e eeuw. In Nederland verschenen de eerste windmolens in de loop van de 13e eeuw. Dat waren standerdmolens waarmee graan tot meel werd gemalen wordt. Vermoedelijk pas in de 15e eeuw kwamen er molens voor de bemaling van polders. De poldermolens zijn molens voor de zorgen voor de bemaling van de polders om het oppervlakte water in de polder op een bepaald nivau te houden. De poldermolens hebben er ook voor gezorgd dat ons land groter werd door het droogmalen van meren en plassen en andere laaggelegen gebieden. 

Na de Tweede Wereldoorlog brachten de economische en technische ontwikkelingen het overgrote deel van de laatste poldersmolens tot stilstand. Dat kwam voornamelijk doordat deze poldermolens werden voor gemalen al dan niet aangedreven door diesel of elektirsche motoren. Voor het noodzakelijke waterbeheer was men dan niet meer afhankelijk van de wind. 

Onderstaande kaart geeft de locaties aan waar nog poldermolens staan van zogenaamde Hollandse molens en Amerikaanse windmotoren die in eigendom en beheer zijn van de stichting.